De hond

 

De hond stamt af van de wolf, een type wolf die allang niet meer op deze aardbol rondloopt. Door al die eeuwen heen zijn er talrijke verschillende soorten honden geweest waarvan er een heleboel al uitgestorven zijn zoals de beer- honden, de hyena- honden en de kat- honden. De hond is al eeuwenlang een trouwe mensenvriend. Vanuit het wild werden ze tot huisdier gemaakt, dat proces wordt het domesticatie proces genoemd.

 

De meeste rassen van nu lijken qua uiterlijk niet meer op hun voorouders, maar wat wel voor een groot deel gelijk gebleven is, is het maagdarmstelsel. De hond is een carnivoor, wat betekent dat het een vleeseter is.

 

Doordat de hond al wonende bij de mens gedomesticeerd en geëvolueerd is, is het voedingspatroon enorm veranderd door de mens. Het voer wordt in grote massa’s geproduceerd en bevat niet meer de ingrediënten die de hond nodig heeft en ontstaan er allerlei klachten zoals allergieën, huidproblemen en spijsverteringsklachten. Tegenwoordig worden granen als tarwe en rijst verwerkt in hondenvoeding. Dit zijn goedkope grondstoffen die ervoor zorgen dat het dier geen hongergevoel heeft na de maaltijd. Maar in het natuurlijk dieet komen geen granen voor en een hond eet van nature nauwelijks koolhydraten, ze kunnen het zelfs heel slecht verteren en krijgen klachten als diabetes, blaasgruis, verstopte anaalklieren, gebitsproblemen e.d.  Ook verdwijnen er belangrijke voedingsstoffen en enzymen door de verhitting van brokken.

 

Net zoals de wolf heeft de hond ook behoefte aan een carnivorendieet, wat hoofdzakelijk bestaat uit prooidieren  maar ook uit insecten en plantaardig materiaal. Steeds meer mensen worden zich er van bewust dat het noodzakelijk is de hond voeding te geven wat dicht bij zijn natuur ligt.

 

 

 

 

 

 

 Bronvermelding: Voedingswijzer, Barfplaats, Oervoer